Inspiratie uit de

praktijk: de pilot

Hoe richt je de binnenruimte zó in dat bewegen en het gesprek daarover gestimuleerd worden?

Gaan ouders van kinderen onder de vier jaar en jeugdartsen, jeugdverpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en (dokters)assistenten vaker met elkaar in gesprek over het stimuleren van bewegen als de inrichting daartoe uitnodigt? Deze vraag stond centraal bij de vijf JGZ-locaties die deelnamen aan de pilot:

● GGD Regio Utrecht - Locatie Maarssenbroek ● GGD Noord Limburg - Locatie Gennep ● GGD Gelderland Zuid - Locatie Beneden Leeuwen ● SAG Zorgontwikkeling BV Amsterdam - Locatie Holendrecht en Gaasperdam

Doelstellingen van de pilot

De pilot met een beweegstimulerende inrichting in de JGZ maakt onderdeel uit van de Kleine Beweegagenda, die voortkomt uit het deelakkoord Vaardig in Bewegen uit het Sportakkoord. De voorbereidingen van de pilot vonden plaats van januari tot september 2020. De pilot vond plaats van september tot en met december 2020.

JGZ-organisaties inspireren een binnenruimte te creëren die uitstraalt dat bewegen belangrijk, leuk en eenvoudig is en jonge kinderen en hun ouders aanzet tot bewegen

JGZ-professionals en ouders van jonge kinderen die bij de JGZ komen stimuleren om vaker preventief over bewegen te praten

Inspiratie uit de praktijk

Kenniscentrum Sport & Bewegen heeft in samenwerking met het NCJ en Panton twee brainstormsessies met de vijf pilotlocaties georganiseerd. De input uit deze sessies vormde de basis van de volgende beweegstimulerende attributen voor de pilot.

Beweegspiegel

Commode

Oefeningen op het aankleedkussen

Floorgraphics

De Beweegwand

Meekijktrap

Resultaten van de pilot

Hoe kun je wacht- en consultruimtes zó inrichten dat bewegen en het gesprek daarover gestimuleerd worden? In de inspiratiegids zijn resultaten uit de pilot regelmatig teruggekomen. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste conclusies van de pilots beschreven.

Het merendeel van de professionals spreekt vaker over bewegen en/of dit doet op een andere manier dan voorheen. Bijvoorbeeld door te praten over makkelijke beweegoefeningen voor thuis of mogelijkheden voor structureel bewegen in de wijk, zoals peutergym. De materialen blijken een trigger om het gesprek aan te gaan.

“Dankzij de pilot praten we op een hele andere manier met ouders over bewegen. Voorheen bespraken we het als ouders er vragen over hadden, maar nu komt het veel meer aan bod omdat de materialen zichtbaar zijn in de ruimte” - jeugdverpleegkundige

“Niet alleen voor ons is het een eye-opener, ook ouders zien hoe makkelijk je bewegen kunt stimuleren met de ruimte” - jeugdverpleegkundige

De mooie wacht- en/of consultruimte die uitnodigt tot bewegen. Hier zijn de locaties erg trots op.

“Het ziet er mooi uit. Het nodigt uit om ermee aan de slag te gaan, ook zonder dat je erover hoeft te vertellen. Fijn om mensen te kunnen ontvangen in een ruimte die er mooi uitziet en waar een visie achter zit. Fijn ook om in te werken. Straalt meer professionaliteit uit. Goed voor kinderen; veilig, maar ook uitdagend.”

- jeugdverpleegkundige

Kinderen zijn iets meer zijn gaan bewegen in de wachtruimte.

“Het daagt echt uit tot beweging. Het prikkelt, de kinderen trekken er echt naar toe. Wij hadden eerst een tafeltje met speelgoed, waar de kinderen aan konden gaan zitten. Nu gaan ze bewegen.”

- jeugdverpleegkundige

Ouders zijn iets meer gaan bewegen in de wachtruimte, hoewel dit effect beperkt is door de maatregelen rondom corona.

“Ouders die het materiaal, bijvoorbeeld de hoelahoep, leuk vinden, doen het soms voor bij hun kind” - arts M&G

Verschillende locaties geven aan dat ze (meer) hebben ingezet op samenwerking in de wijk of binnen de gemeente. Bijvoorbeeld om de ketenaanpak te verbeteren of de doorstroom naar structureel aanbod te vergroten.

“We zijn het meest trots op de samenwerking met de gemeente en wat we zo hebben kunnen neerzetten voor de kleinsten. Los van mooie materialen, heeft de pilot als vliegwiel gediend voor het opzetten van een ketenaanpak. Er stromen inmiddels ook peuters door naar verenigingen.”

- jeugdverpleegkundige

“Door de pilot zijn we veel meer bezig met wat er voor beweegaanbod is in de wijk. Denk bijvoorbeeld aan peutergym, we hebben aan het begin van de pilot uitgezocht welk aanbod er is in de wijk, zodat we ouders kunnen doorverwijzen als we het erover hebben” - jeugdverpleegkundige

Aandachtspunten voor een succesvolle realisatie

De belangrijkste succesfactoren van de pilot volgens de JGZ-professionals:

● Het eigen enthousiasme ● De uitnodigende, beweegstimulerende ruimte ● Aanwezigheid van een (dokters)assistente in de wachtruimte

De (dokters)assistenten hebben tijdens het wachten vaak met ouders gesproken over de nieuwe beweegmaterialen en uitgelegd hoe ze gebruikt kunnen worden. Op de locaties waar geen assistent in de ruimte aanwezig is, lijken de beweegmaterialen in de wachtruimte ook minder vaak gebruikt te worden.

De grootste uitdagingen waar de professionals tegenaan liepen:

● Draagvlak creëren bij collega’s en/of ouders ● Het schoonhouden van de materialen ● De extra organisatorische/administratieve werkzaamheden

Terug naar de inhoudsopgave?